Gisteren was er in het jeugdjournaal een reportage vanuit Suriname vanwege Keti Koti. In een klein museum hing een korte ketting waarmee een tot slaaf gemaakte aan enkel en nek was vastgeklonken. Hij of zij moest gebogen -haast kruipend- het loodzware werk doen. Siem stem klonk kleintjes naast me: Hier word ik nou helemaal emotioneel van. Dat Nederlanders dat gedaan hebben!
Ik lees De Huisbediende van Tara Conklin. De roman gaat over de 17-jarige slavin Josephine op een plantage in Virginia die in 1853 besluit te vluchten, en de jonge ambitieuze advocate Lina uit New York die in 2004 werkt aan een zaak van herstelbetalingen voor de nazaten van slaven. Kunst speelt een belangrijke rol in het verhaal. Josephine heeft misschien wel de beroemde schilderijen gemaakt die toegeschreven zijn aan ‘de mevrouw’ wiens huisbediende zij was.

Het boek doet denken aan De Ondergrondse Spoorweg van Colson Whitehead. Ik vind het een meeslepend prachtig geschreven verhaal. En het schuurt. Eigenlijk zoals Siem het zo goed onder woorden bracht gisteravond op de bank.
In Tijdgeest van vandaag schrijft journaliste Janice Deul: ‘Ook witte mensen moeten dealen met gevoelens van schuld en verantwoordelijkheid. Daartoe is kennis onontbeerlijk. Kennis van de historie, maar ook van het onrecht en de gevoeligheden die nog nog aan oude systemen verbonden zijn. Het slavernij is geen voetnoot of zwarte bladzijde in de geschiedenis van ons land. Eerder een hoofdstuk, of zelfs een compleet boek’.
Dit lijkt me ook een prachtig boek om je kennis aan te vullen. De ondergrondse spoorweg vond ik ook heel bijzonder EN “Het negerboek”, ook heel bijzonder om te lezen. Weet helaas niet meer wie het heeft geschreven.