Yes, I do

Het moederschap is prachtig. En intensief. Als ik ‘s avonds op de bank zit kom ik niet veel verder meer dan t kijken van Boer zoekt Vrouw, mails beantwoorden, of een niet te ingewikkeld boek lezen. Wat heerlijk als er dan eens een licht verteerbare documentaire op de televisie komt. Vanavond zag ik er een van de VPRO: 112 Weddings.

112_Weddings_Dogwoof_Documentary_1600_1162_85

foto: een still uit de documentaire 112 Weddings

Doug Block, een documentairemaker, verdient een centje bij door bruidsreportages te maken. Inmiddels heeft hij 112 bruiloften gefilmd. Hij vindt het eigenlijk gek dat hij op zo’n belangrijke dag heel intiem aanwezig is, om de koppels vervolgens nooit meer te zien. Daarom zoekt hij de stellen na jaren op, en vraagt hen wat er van hun huwelijk is terecht gekomen. Het levert een boeiende collage op: mensen die een huwelijkscrisis hebben doorstaan na de geboorte van een huilbaby. Een stel dat afschuwelijk beproefd is omdat hun 3-jarige dochter een hersentumor bleek te hebben. En uiteraard hebben ook een aantal huwelijken het niet gered. Depressie, vreemdgaan, uit elkaar groeien; om maar een paar redenen te noemen. Hoewel de gefilmde stellen erg Amerikaans zijn (“O my God, you look amazing”) is het toch geen zoete film omdat de stellen zo meedogenloos eerlijk vertellen over de jaren na het jawoord. Het huwelijk is een eeuwenoud ritueel. Volgens Wikipedia zijn er al bronnen van huwelijkstradities uit de Griekse en Romeinse tijd bekend en zelfs van beschavingen daarvoor. Mensen trouwen van oudsher om materiële redenen of om wederzijdse rechten vast te leggen, maar natuurlijk trouwen de meeste mensen uit liefde. Je verklaart de liefde aan je geliefde ten overstaan van iedereen en je belooft de ander in voor –en tegenspoed terzijde te staan. ‘Een belofte die je natuurlijk helemaal niet kunt overzien en die eigenlijk ook waanzin is’– zegt een van de geïnterviewden. Maar ze besluit met: ‘Maar ach, waarom ook niet!’ Ik ben dit jaar alweer 7 jaar -heel gelukkig- getrouwd met mijn eigen Mr Fire en ik onderschrijf graag de woorden van filosoof Soren Kierkegaard die zegt: Het huwelijk blijft de belangrijkste ontdekkingstocht die de mens kan ondernemen ..

Sterren van Bethlehem

Een paar dagen voor kerst viel ik met Marien in televisieprogramma ‘de Sterren van Bethlehem’ van de EOZes bekende Nederlanders gingen samen met presentator Bert van Leeuwen naar Israël en de Palestijnse gebieden om in de voetsporen van Jezus te treden. Het reisgezelschap bestond o.a. uit schrijver Kluun, actrice Victoria Koblenko en televisiemaker Filemon Wesselink. Ze maakten een reis van Nazareth naar Bethlehem en gingen zo op zoek naar de roots van het christelijke kerstfeest. Mooi om de persoonlijke verhalen van de zes totaal verschillende reisgenoten te horen en wat zij met het kerstfeest en met het christelijk geloof hebben. De groep kreeg kleine opdrachten zoals het kiezen van een gekleurde lampion wat was gekoppeld aan een leefregel uit de Bergrede. Vonden zij het moeilijk om eerlijk te zijn of je vijand te vergeven, of je begeerte in de hand te houden? Tijdens de maaltijd op kerstavond in Bethlehem werden de cadeaus uitgereikt die de gasten voor elkaar hadden gekocht. Ieder had met zorg en aandacht iets voor de ander uitgezocht. Heerlijk! Ik moest terugdenken aan de reis die wij maakten, in 2011, met mijn ouders ter ere van hun 40-jarig huwelijk naar Israel. Ook daar had ik wat kleine opdrachtjes geïntegreerd in het reisprogramma. Zoals flessenpost in de zee gooien bij Akko of een preek lezen op de Berg van Zaligsprekingen. Ook zeer herkenbaar was de ervaring dat je niet zozeer op de heilige plaatsen iets van geloof of spiritualteit ervaart, maar veel meer in de natuur; in de stilte zoals in de woestijn of bij het meer van Galilea.
Ook met de politieke situatie worden de reizigers pijnlijk geconfronteerd. Als de groep op sabbat de klaagmuur in Jeruzalem bezoekt, worden zij agressief weggejaagd omdat zij zouden hebben gefotografeerd. Presentatrice Dione de Graaf is aangedaan: “Wanneer je de haat in hun ogen ziet, dan kun je onmogelijk geloven dat het hier ooit goed gaat komen”. Ja, Israel is tegenstrijdig: het is onaardig en onvoorspelbaar en tegelijkertijd heeft het een enorme aantrekkingskracht als je er ooit geweest bent en wil je er ooit naar terug. Een aangename verrassing dit programma van de EO. Kerst zoals kerst bedoeld is wat mij betreft: een moment van reflectie, delen en samenzijn.. En nu met nieuwe inspiratie het nieuwe jaar in!

Marc en Mark

 

Zit ik vorige week voor de televisie, schiet ik vol bij een reclame! De tranen rolden over mijn wangen:

http://www.youtube.com/watch?v=i6DZVeE_lFE

Misschien komt het door de pianomuziek, of is het een restant zwangerschapshormoon of omdat de blaadjes vallen, maar dit filmpje ontroert me. Het doet me denken aan een boek dat een aantal jaren geleden verscheen van een Australische palliatief verpleegkundige Bronnie Ware.
Ze vroeg aan mensen op hun sterfbed waar ze spijt van hadden. Opvallend is dat mensen het niet betreurden dat ze niet aan hun wereldreis waren toegekomen, of hun school niet hadden afgemaakt of de begeerde promotie niet hadden behaald. Het bleek om heel ‘normale, alledaagse wensen’ te gaan. De top vijf van spijtpunten van stervenden zijn:

  1. Ik zou willen dat ik de moed gehad had, om een ‘waar’ leven te leven. En niet het leven dat ánderen van me verwachten.
  2. Ik zou willen dat ik niet zo hard gewerkt had
  3. Ik zou willen dat ik de moed had gehad mijn gevoelens te uiten
  4. Ik zou willen dat ik in contact was gebleven met mijn vrienden
  5. Ik zou willen dat ik mezelf meer had toegestaan gelukkig te zijn

In het filmpje van Marc en Mark wordt bovenstaande naar mijn idee mooi geïllustreerd. Dela heeft het begrepen: Waarom wachten met iets moois zeggen, als het ook vandaag kan? Voor de liefhebbers nog een extraatje. Een korte docu over Marc en Mark. Het duurt vier minuten:

http://www.youtube.com/watch?v=B-CUqRySIeE

 

 

 

 

de Kleine Prins

“Wie stenen losbreekt, wordt erdoor gewond; wie hout klooft, loopt daardoor gevaar”

Prediker 10

Vorige week bezocht ik de mooie solovoorstelling ‘Wie stenen losbreekt’ van Kirsten Benschop in onze Sint Joostkapel. De voorstelling gaat over een vrouw van middelbare leeftijd die een gejaagd leven leidt. Op de rand van een burnout besluit ze een retraite weekend te boeken in een klooster. Hier komt ze tot zichzelf. Ze maakt kennis met stilte, met verhalen van andere mensen en ze neemt de tijd boeken te lezen. De voorstelling is geïnspireerd op teksten van Primo Lévi, Anselm Grün, Kahlil Gibran èn op de Kleine Prins van Antoine de Saint-Exupéry.
Toevallig had ik twee boekjes van dit bijzondere sprookje gekregen voor de geboorte van Siem. Le Petit prince is een poëtisch verhaal over een piloot die gestrand is in de Sahara en daar een kleine buitenaardse prins tegenkomt. De kleine prins op zijn beurt ontmoet de Koning, de IJdeltuit, de Dronkenlap en de Zakenman. De Zakenman probeert de Kleine Prins uit te leggen dat zijn leven eruit bestaat ‘om te bezitten’ en dat je daar behoorlijk druk mee kunt zijn:

‘Hoe kun je sterren bezitten?’ vroeg de kleine prins. ‘Van wie zouden ze dan wel zijn?’ antwoordde de zakenman snibbig.-Dat weet ik niet, van niemand. -Dan zijn ze dus van mij, want ik heb er het eerst aan gedacht.-Is dat genoeg? -Ja zeker. Als jij een diamant vindt, die aan niemand toebehoort dan is die van jou. Als je een eiland vindt, dat van niemand is, is het van jou. Als jij het eerst iets bedenkt, neem je er patent op en het idee is van jou. En zo bezit ik de sterren, omdat niemand voor mij eraan gedacht had ze te bezitten’. -Ja, dat is waar’, zei de kleine prins. ‘En wat doe je ermee?’ -‘Ik beheer ze. Ik tel ze en tel ze nog eens over’, zei de zakenman. ‘Het is wel moeilijk, maar ik ben een ernstig man.’ De kleine prins was nog niet tevreden.-Als ik een das bezit, kan ik die omslaan en meenemen. En als ik een bloem bezit kan ik haar plukken en meenemen. Maar jij kunt de sterren niet plukken!- Nee, maar ik kan ze op de bank zetten.-Wat betekent dat?-Dat betekent, dat ik een aantal van mijn sterren op een papiertje schrijf en dan stop ik dat papiertje in een la en doe de la op slot.-En is dat alles?- Dat is genoeg.’

bij opaEigenlijk is de boodschap van de Kleine Prins hetzelfde als Spinvis die wij geciteerd hebben op het geboortekaartje van Siem. Erf de ogen van je kind. Kijk erdoor.

Ik hoop dat onze Kleine Prins ons veel mooie dingen gaat laten zien..

Kunstenaars; het zijn net mensen

Het ouderschap komt nu snel dichterbij. Prachtig, maar we realiseren ons maar al te goed dat ‘even een museumbezoekje’ straks niet meer zo vanzelfsprekend meer is. Daarom bezochten Marien en ik vanmiddag ons eigen museum Gouda om de tentoonstelling van Henri Fantin Latour nog even mee te pakken. Dromen op het Doek heet de expositie en dat past ook wel bij de zachte, fluweelachtige schilderijen van deze Franse schilder. Altijd leuk om eerst de korte film te bekijken over het leven en werk van de kunstenaar. Fantin Latour was een verlegen, introverte man die zich het best voelde in de veilige omgeving van zijn atelier. Hij portretteerde het liefst zichzelf of zijn familieleden.
(Interessant detail vind ik wel dat hij getrouwd was met een andere kunstenares Victoria Dubours, maar dat hij zijn mooie schoonzus Charlotte, hiernaast afgebeeld, het vaakst heeft geportretteerd. Zij wordt wel gezien als zijn muze). Hij was een buitenbeentje tussen de andere schilders van zijn tijd –zoals Manet met wie hij bevriend was- die naar vernieuwing zochten. Fantin Latour schilderde niet experimenteel maar zocht naar harmonie. Met name zijn stillevens van bloemen gingen als zoete broodjes over de toonbank vooral in Engeland. Hij had uiteindelijk wel een haat-liefdeverhouding met die bloemen schilderijen want het liefst schilderde hij dromerige werken die hij maakte geïnspireerd door klanken van componisten als Berlioz en Wagner.
Hij schijnt in een brief aan een andere kunstenaar te hebben geschreven: “Tijdens het schilderen van de bloemen ben ik met mijn hoofd bij een ander schilderij vol dromen wat ik zou willen maken’. De bloemen verschaften hem en solide inkomen, maar de mythologische werken waren zijn passie; alleen die verkochten niet. En die verscheuring herkennen we dan misschien wel weer allemaal in ons leven en ons werk. Kunstenaars; het zijn net mensen..