Zwarte Schuur

Omdat ik verkouden was afgelopen weekend, moest ik gister door de corona-teststraat. Respect voor de ingepakte GGD-medewerkers die aan de lopende band wattenstaafjes in neuzen en kelen steken, deskundig en vriendelijk blijvend in zo’n unheimische parkeergarage.

Ik werkte dus de afgelopen dagen vanuit huis. Een voordeel: ik kon lekker lunchen in de nazomerzon met het laatste stukje van Zwarte Schuur van Oek de Jong. Wat een meesterlijk boek!

Het boek start als de schilder Maris Coppoolse en zijn vrouw Fran onderweg zijn naar de opening van zijn overzichts-tentoonstelling in het Stedelijk Museum. Maris en Fran zijn 20 jaar samen, en hun huwelijk zit in een dal. ‘Zwijgend zaten ze in de taxi’, is de openingszin. De toon is gezet.

Na de tentoonstelling verschijnt er ook nog eens een artikel waarin wordt onthuld dat Maris als 14-jarige de dood van zijn buurmeisje Matty op zijn geweten heeft. Maris is verminkt door dit trauma uit zijn jeugd; hij draagt zijn hele leven deze schuld met zich mee.

Oek de Jong schrijft indrukwekkend over menselijke relaties en psychologie, zeer dicht op de huid. Door minutieus de handelingen te beschrijven en de levensechte dialogen is het alsof je bij Maris en Fran aan tafel zit en je ze al jaren kent. Dries Muus schrijft in het Parool: ‘Zwarte schuur is meeslepend, soms adembenemend, verbluffend inzichtelijk en echter dan de meeste dagen in je leven.’

Het duurt even voordat je uit de bubbel van zo’n intens boek bent.

Gelukkig kreeg ik vanmorgen vroeg de uitslag van de test: negatief! Ik mag mij weer in het publieke en werkzame leven storten. Maar Zwarte Schuur zal nog wel een tijdje bij me blijven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *