Vesoul

De eerste paar dagen van onze ‘Tour de France’ zijn we in de Morvan geweest, vlakbij het stadje Vesoul. Daar is toch een liedje van? vroeg ik aan onze Vlaamse chambre d’hote gastheer Jean. Hij vertelde dat er een muurschildering van Jacques Brel te zien is, omdat hij inderdaad over Vesoul gezongen heeft. En hij zette het nummer natuurlijk gelijk op:

Brel bezocht de stad in 1961 om op te treden en schijnt gezegd te hebben dat hij het een saaie en grijze stad vond. De serveerster van het hotel waar hij overnachtte vond hij echter helemaal niet saai en grijs. Volgens de overlevering bleef hij twee nachten in hetzelfde hotel en was dit de inspiratie voor zijn chanson: Vesoul.

In het stadsbestuur moeten ze gedacht hebben: saai en grijs? Daar kunnen we wat aan doen.. Resultaat: een charmante stad met kleurrijke straten waar we ons direct thuisvoelden.

Inburgering

Mijn collega René woont sinds een paar maanden in Gouda. We nemen soms Goudse stroopwafels mee naar het werk om te testen welke het beste zijn. Ik bied hem een stadswandeling aan bij wijze van ‘inburgering’. Samen met zijn broer -die afgelopen weekend in Gouda is komen wonen- en zijn zus, gingen we gisteren op stap.

Als je je verdiept in de geschiedenis van je stad, kom je steeds weer nieuwe dingen tegen. Zo blijkt in Gouda de op een-na-laatste laatste doodstraf van Nederland (in vredestijd) te zijn voltrokken. Pieter Pijnacker uit Reeuwijk werd in 1860 op de Markt opgehangen toen hij had bekend de vrouw van boer Cornelis Vergeer te hebben vermoord en een kaas te hebben gestolen.

De eerste vrouwelijke beiaardier Maria Blom bespeelde het Goudse carillon van 1943 tot 1985 en componeerde het deuntje van het klokkenspel op de wijs van Alle Menschen werden Bruder van Beethoven. 

En de tweede liefde van Rembrandt van Rijn -Geertje Dirkx- werd door de grootmeester 12 jaar opgesloten in het Goudse spinhuis (vrouwengevangenis) aan de Groeneweg toen de mooie jonge Hendrikje Stoffels in zijn leven kwam, en hij met Geertje in een soort ‘vechtscheiding’ verwikkeld raakte. Simone van der Vlugt schreef er een prachtige roman over (Schilderslief), die ik de nieuwe Gouwenaars natuurlijk van harte heb aanbevolen. 

René snoerde mij de mond door aan het eind van de tour te zeggen: Ja Mirjam, Gouda is net een tijdmachine, je kunt in elke tijd uitstappen.

Hij mag blijven.  

Voor Georgiy Bushchan

Gisteravond zag ik de keeper van Oekraïne een geweldige redding maken; heel knap met de toppen van zijn handschoen hoog in de lucht. 

Nog geen minuut gaat een lullige kopbal toch in het net.

4-0 voor Engeland.  

De cameraman zoomt in op het gezicht van de verslagen keeper. Die blik in z’n ogen. 

Ach..

Voor alle verliezers dit vers van Edward van den Vendel (uit het boekje: Ik juich voor jou)

Dit is het voorstel

We vieren vandaag de verliezers.

We juichen vandaag omgekeerd.

We houden vandaag voor iedereen

die van de koprol

de oprol

niet eens kreeg aangeleerd.

Wij steunen de stuntelaars,

de struikelaars

de krukken. 

We schilderen een spandoek

voor hen die mislukken.

Vandaag op het podium:

alle nummers laatst.

Bloemen en kussen 

voor wie zich niet plaatst.

Winnaars?

Die sluipen maar weg

en die druipen maar af

Vandaag zijn spieren en snelheid een straf

Helden mogen morgen weer

Kukels en kwakkels zijn nu eens een keer

nu eens een keer

kampioen.


Dit is het voorstel

Niets meer aan doen.

(Bedacht en ondertekend door ons

Wij wonnen nooit iets.

Niks.

Niet eens brons)

Echt

Zie die gretige blik onze ogen..

Voor het eerst weer een live concert gisteravond. In de kapel van Museum Gouda speelde de Kift, de ‘fanfare-punk-band’ uit Koog aan de Zaan. Ze varen door het land met een schip, meren aan om nummers van hun nieuwe album Hoogriet te spelen.

Water staat centraal op dit album. In Museum Gouda is nu de tentoonstelling: koele wateren. Samen met pop-podium So What ontstond zo een mooie samenwerking. 

De Kift maakte in 2019 een ontroerende documentaire met Sanne Rovers: Water wieg me, een muzikale ode aan de droefenis. Ferry ontmoet langs de waterkant mensen met een persoonlijk verhaal. Zo is er een vader die zijn dochter verloor en een oude veerman die mijmert over vergankelijkheid. Voor ieder van hen schrijft hij een passend lied. 

De muziek van de Kift is bijzonder. Ik kan niet zeggen dat ik alles mooi vind. Maar toch grijpt het me elke keer weer. Misschien omdat het echt is en rauw, energiek, vol melancholie en zelfspot, een beetje absurd, en natuurlijk die teksten, geïnspireerd op bestaande gedichten.

Na afloop realiseerde ik me hoe ik het gemist had: een echte band met echte mensen om me heen.

 

slakkengang

Als je aan Siem vraagt wat hij wil worden zegt hij: bioloog. Boswachter kun je daarmee worden, of gaan werken in het natuurhistorisch museum zoals ome Niels. Of je wordt Freek Vonk. 

Allemaal begerenswaardig.

Het is leuk om samen met hem insecten onder de microscoop te bekijken, vogels te spotten of te kijken hoe het met de kikkervisjes in de vijver staat. Het duurt wel erg lang voordat ze kikker worden, vindt hij. Geduld is niet zijn sterkste kant. Alles op zijn tijd leert de natuur.

Ondertussen is mijn meest gelezen en gebruikte boek van de laatste tijd: Ik wou dat ik een vogel was, een natuurgedicht voor iedere dag. Ik gebruik het in mijn werk, maar ook gewoon thuis om van de geweldige poëzie en tekeningen te genieten.  Neem nou weer dit geweldige gedicht van Johanna Kruit:

de slak 

Langzaam, langzaam

haast me niet

daar kan ik niet tegen.

Verlegen en angstig word ik

van wie me aanraakt

naar me kijkt

me vergelijkt

met snellere wezens

Laat me mijn tempo

noem het stilstand

en, voor wie kijkt

bewegen.