Inburgering

Mijn collega René woont sinds een paar maanden in Gouda. We nemen soms Goudse stroopwafels mee naar het werk om te testen welke het beste zijn. Ik bied hem een stadswandeling aan bij wijze van ‘inburgering’. Samen met zijn broer -die afgelopen weekend in Gouda is komen wonen- en zijn zus, gingen we gisteren op stap.

Als je je verdiept in de geschiedenis van je stad, kom je steeds weer nieuwe dingen tegen. Zo blijkt in Gouda de op een-na-laatste laatste doodstraf van Nederland (in vredestijd) te zijn voltrokken. Pieter Pijnacker uit Reeuwijk werd in 1860 op de Markt opgehangen toen hij had bekend de vrouw van boer Cornelis Vergeer te hebben vermoord en een kaas te hebben gestolen.

De eerste vrouwelijke beiaardier Maria Blom bespeelde het Goudse carillon van 1943 tot 1985 en componeerde het deuntje van het klokkenspel op de wijs van Alle Menschen werden Bruder van Beethoven. 

En de tweede liefde van Rembrandt van Rijn -Geertje Dirkx- werd door de grootmeester 12 jaar opgesloten in het Goudse spinhuis (vrouwengevangenis) aan de Groeneweg toen de mooie jonge Hendrikje Stoffels in zijn leven kwam, en hij met Geertje in een soort ‘vechtscheiding’ verwikkeld raakte. Simone van der Vlugt schreef er een prachtige roman over (Schilderslief), die ik de nieuwe Gouwenaars natuurlijk van harte heb aanbevolen. 

René snoerde mij de mond door aan het eind van de tour te zeggen: Ja Mirjam, Gouda is net een tijdmachine, je kunt in elke tijd uitstappen.

Hij mag blijven.  

Voor Georgiy Bushchan

Gisteravond zag ik de keeper van Oekraïne een geweldige redding maken; heel knap met de toppen van zijn handschoen hoog in de lucht. 

Nog geen minuut gaat een lullige kopbal toch in het net.

4-0 voor Engeland.  

De cameraman zoomt in op het gezicht van de verslagen keeper. Die blik in z’n ogen. 

Ach..

Voor alle verliezers dit vers van Edward van den Vendel (uit het boekje: Ik juich voor jou)

Dit is het voorstel

We vieren vandaag de verliezers.

We juichen vandaag omgekeerd.

We houden vandaag voor iedereen

die van de koprol

de oprol

niet eens kreeg aangeleerd.

Wij steunen de stuntelaars,

de struikelaars

de krukken. 

We schilderen een spandoek

voor hen die mislukken.

Vandaag op het podium:

alle nummers laatst.

Bloemen en kussen 

voor wie zich niet plaatst.

Winnaars?

Die sluipen maar weg

en die druipen maar af

Vandaag zijn spieren en snelheid een straf

Helden mogen morgen weer

Kukels en kwakkels zijn nu eens een keer

nu eens een keer

kampioen.


Dit is het voorstel

Niets meer aan doen.

(Bedacht en ondertekend door ons

Wij wonnen nooit iets.

Niks.

Niet eens brons)

Echt

Zie die gretige blik onze ogen..

Voor het eerst weer een live concert gisteravond. In de kapel van Museum Gouda speelde de Kift, de ‘fanfare-punk-band’ uit Koog aan de Zaan. Ze varen door het land met een schip, meren aan om nummers van hun nieuwe album Hoogriet te spelen.

Water staat centraal op dit album. In Museum Gouda is nu de tentoonstelling: koele wateren. Samen met pop-podium So What ontstond zo een mooie samenwerking. 

De Kift maakte in 2019 een ontroerende documentaire met Sanne Rovers: Water wieg me, een muzikale ode aan de droefenis. Ferry ontmoet langs de waterkant mensen met een persoonlijk verhaal. Zo is er een vader die zijn dochter verloor en een oude veerman die mijmert over vergankelijkheid. Voor ieder van hen schrijft hij een passend lied. 

De muziek van de Kift is bijzonder. Ik kan niet zeggen dat ik alles mooi vind. Maar toch grijpt het me elke keer weer. Misschien omdat het echt is en rauw, energiek, vol melancholie en zelfspot, een beetje absurd, en natuurlijk die teksten, geïnspireerd op bestaande gedichten.

Na afloop realiseerde ik me hoe ik het gemist had: een echte band met echte mensen om me heen.

 

slakkengang

Als je aan Siem vraagt wat hij wil worden zegt hij: bioloog. Boswachter kun je daarmee worden, of gaan werken in het natuurhistorisch museum zoals ome Niels. Of je wordt Freek Vonk. 

Allemaal begerenswaardig.

Het is leuk om samen met hem insecten onder de microscoop te bekijken, vogels te spotten of te kijken hoe het met de kikkervisjes in de vijver staat. Het duurt wel erg lang voordat ze kikker worden, vindt hij. Geduld is niet zijn sterkste kant. Alles op zijn tijd leert de natuur.

Ondertussen is mijn meest gelezen en gebruikte boek van de laatste tijd: Ik wou dat ik een vogel was, een natuurgedicht voor iedere dag. Ik gebruik het in mijn werk, maar ook gewoon thuis om van de geweldige poëzie en tekeningen te genieten.  Neem nou weer dit geweldige gedicht van Johanna Kruit:

de slak 

Langzaam, langzaam

haast me niet

daar kan ik niet tegen.

Verlegen en angstig word ik

van wie me aanraakt

naar me kijkt

me vergelijkt

met snellere wezens

Laat me mijn tempo

noem het stilstand

en, voor wie kijkt

bewegen.

Het blinde licht

Toespraak eindexamen VWO, 1997

Men noemde het een pretpakket: Nederlands, Engels, Duits, biologie, geschiedenis, tekenen en wiskunde A. Dat laatste om een wetenschappelijke studie niet helemaal uit te sluiten. In alle vakken had ik plezier, maar wiskunde bleef voor mij gehuld in duisternis. Waar andere leerlingen de formules leken te begrijpen, haalde ik ternauwernood een 3,4 voor mijn centraal schriftelijk. 

Bij het lezen van ‘het blinde licht’ van de Chileense Benjamin Labatut werd ik weer geconfronteerd met die blinde vlek en mijn intellectuele plafond. Het is een roman over briljante wetenschappers wiens uitvindingen de wereld hebben veranderd en tegelijk aan de rand van de afgrond hebben gebracht. Zoals de joodse Fritz Haber die stikstof uit de lucht wist om te zetten in vaste stof, toepasbaar in kunstmest. Hij redde duizenden mensen van hongersnood, maar hij organiseerde ook de eerste gifgasaanval van de Eerste Wereldoorlog. Zijn stikstof uitvinding hielp de nazi’s later ook bij het fabriceren van explosieven en om miljoenen mede-Joden te vergassen.

Labatut duikt in het leven van onnavolgbare genieën, onaangepaste eenzaten met een y-chromosoom, die ijlend van de koorts kwantumobjecten proberen te berekenen (Schrodingen, Heisenberg), het bestaan van zwarte gaten aantonen (Schwarzschild) of de grondslagen van de wiskunde omverwerpen (Grothendieck). Aanvallen van intellectuele grootsheid waren het, waarna de wereld voorgoed onkenbaar en onbegrijpelijk werd. En de genieën knettergek”.

Labatut laat de duistere kant van de wetenschap zien, en ook dat er een grens is aan het kennen en begrijpen. Een van de hoofdstukken is getiteld: ‘Toen we ophielden de wereld te begrijpen, toen werd literatuur pas echt noodzakelijk’ 

En dat was voor mij dan weer een Eureka-moment.